Deelname lage inkomensgezinnen voorschool en kinderopvang 2020 en 2024
- Publicatie
- september 2026
De helft van lage inkomensgezinnen met minimaal een kind tussen de 2 en 4 jaar maakt gebruik van de voorschool. Zij maken het vaakst gebruik van de gemeentelijke toeslag daarvoor. Dat blijkt uit deze factsheet over de deelname van lage inkomensgezinnen aan de voorschool en kinderopvang.

Voorschoolse educatie is bedoeld voor alle Amsterdamse kinderen van 2 tot 4 jaar en vindt plaats in de kinderopvang. Met een speciaal educatief programma worden zij goed voorbereid op de basisschool.
Kinderen met een (risico op een) taal- of onderwijsachterstand hebben extra baat bij de voorschool. Zij krijgen van het Ouder- en Kindteam een voorschooladvies en worden gestimuleerd om hiernaartoe te gaan. 44 procent van de peuters uit lage inkomensgezinnen heeft een voorschooladvies.
Ongeveer de helft van alle lage inkomensgezinnen in Amsterdam met minimaal één kind tussen de 2 en 4 jaar maakt gebruik van de voorschool. In 2020 maakte 52 procent van deze gezinnen gebruik van de voorschool en in 2024 lag dit aandeel op 54 procent. Het bereik van de voorschool ligt onder lage inkomensgezinnen het hoogst en neemt af naarmate het huishoudelijk inkomen van gezinnen stijgt.
In stadsdeel Noord en Nieuw-West gaan peuters uit de laagste inkomensgroep het vaakst naar de voorschool. In stadsdeel Centrum, Zuid en Zuidoost ligt het bereik van de voorschool onder lage inkomensgezinnen het laagst.
Gemeentelijke toeslag
Als gezinnen geen recht hebben op kinderopvangtoeslag kunnen zij voor de voorschool een bedrag vergoed krijgen van de gemeente. In 2020 maakte 41 procent van deelnemende gezinnen aan de voorschool gebruik van deze gemeentelijke toeslag. In 2024 was dit gedaald naar 37 procent.
Lage inkomensgezinnen maken het vaakst gebruik van de gemeentelijke toeslag voor de voorschool; in 2020 maakte 71 procent van deze groep er gebruik van en in 2024 70 procent.