Direct naar inhoudDirect naar contactgegevens

Bevolkingsprognose 2025-2055

Amsterdam blijft groeien, ook na de geringe bevolkingsgroei van afgelopen jaar. Toen kwamen er slechts 2.626 inwoners bij, terwijl de stad sinds 2008 met gemiddeld 10.000 inwoners per jaar toenam. De stad groeit vooral door buitenlandse migratie. Nieuwe inwoners die in 2024 naar de stad immigreerden kwamen voornamelijk vanuit Duitsland, de Verenigde Staten, Italië, Spanje en Frankrijk. Begin januari 2025 had Amsterdam 934.374 inwoners. De verwachting is dat daar tot 2055 zo’n 170.000 mensen bijkomen. De teller staat dan op 1.105.000 inwoners.

Amsterdam heeft een relatief jonge bevolking. De meeste nieuwkomers in de stad zijn tussen de 18 en 30 jaar oud. Door de jonge leeftijdsopbouw worden er in de stad meer baby’s geboren dan dat er mensen overlijden. Dit geboorteoverschot is de tweede oorzaak van de groei van het aantal inwoners. Verhuizingen van en naar Nederlandse gemeenten zorgen juist voor een afname van de bevolking: het binnenlands migratiesaldo is al jaren negatief.

In de prognose wordt verwacht dat de buitenlandse migratie en het geboorteoverschot ook tot 2055 zullen leiden tot de groei van het inwonertal. Daarnaast houden we in de prognose rekening met een toename van 117.000 woningen; de derde verklaring voor de groei.

Onzekerheid

De bevolkingsprognose geeft inzicht in de mogelijke bevolkingsontwikkeling van de stad, maar kent onzekerheden. Zo is de buitenlandse migratie afhankelijk van mondiale crises en conflicten, maar zijn ook nationale en lokale ontwikkelingen van invloed op de groei van de stad. Voorbeelden hiervan zijn de werkgelegenheid en de beschikbaarheid van woonruimte. Er zijn volop woningbouwplannen voor de stad, maar ook hier is het onzeker in hoeverre alle plannen gerealiseerd zullen worden. De O&S prognose komt lager uit dan de Primos prognose die ABF Research in juli 2024 publiceerde. In die prognose worden tot 2050 56.000 meer inwoners verwacht dan in de O&S prognose, maar ook 39.000 meer woningen. Voor 2025 verwachtte ABF Research 952.000 Amsterdammers; 18.000 meer dan de werkelijke stand.

De bevolkingsgroei is niet evenredig verdeeld over de verschillende wijken in de stad. Wijken waar veel nieuwe woningen gebouwd worden groeien sterker dan wijken waar geen plaats is voor woningbouw.

Naast de ontwikkeling van de woningvoorraad is de bevolkingssamenstelling van de wijk van invloed op de groei. Zo is het aantal geboortes lager in wijken waar veel zestigers wonen dan in wijken waar zich juist veel dertigers hebben gevestigd.

Als we kijken naar de stadsdelen (inclusief stadsgebied Weesp) verwachten we de sterkste bevolkingsgroei in Oost (+40.100), Noord (+38.400) en Zuidoost (+38.000). Voor Nieuw-West (+30.900), West (+12.100), Zuid (+9.300), Weesp (+3.000) en Westpoort (+2.000) wordt een geringere groei verwacht. Overigens is voor Westpoort de procentuele groei het sterkst. Ten opzichte van 2025 neemt het inwonertal hier met 114 procent toe. Tot slot wordt voor Centrum een afname van het aantal inwoners verwacht (-3.000).

Op wijkniveau verwachten we de sterkste groei in Amstel III/Bullewijk, Noordelijke IJ-Oevers-West en IJburg-Oost. Voor deze wijken zijn veel woningbouwplannen en verwachten we 30.000 van de 117.000 extra woningen tot 2055. In Amstel III/Bullewijk wonen in 2025 zo’n 4.300 mensen. In 2055 zal dat aantal flink zijn toegenomen tot bijna 25.000. De verwachting is dat Noordelijke IJ-Oevers-West in 2055 de meeste inwoners heeft: ruim 28.000. Nu zijn dat er nog 12.000.

Als we kijken naar de ontwikkeling op het niveau van de 25 gebieden van Amsterdam, verwachten we de sterkste toename voor IJburg, Zeeburgereiland. In 2025 telt dit gebied 32.000 bewoners; in 2055 zijn dat er naar verwachting 62.000. Ook in het gebied Oud-Noord zal het inwonertal sterk toenemen. In 2025 zijn dat er nog zo’n 37.000. In 2055 wordt een aantal van bijna 65.000 verwacht.

Hoe maken we prognoses?

Onderzoek en Statistiek maakt regelmatig prognoses. Wat is een prognose? En hoe maak je prognoses?

Een prognose is een uitspraak over de toekomst op basis van wat we nu weten.

Een prognose maak je in grofweg 3 stappen:
• Cijfers verzamelen over je onderwerp
• Factoren vinden die groei of afname veroorzaken
• Bedenken hoe die factoren in de toekomst de cijfers gaan beïnvloeden

  • Cijfers verzamelen
    O&S verzamelt al lang cijfers over Amsterdammers. Ook over onderwerpen waarbij je iets aan prognoses hebt:
    over bevolkingsaantallen,
    over bezoekers en toeristen en
    over leerlingenaantallen.

  • Factoren vinden
    De factoren die zorgen voor groei of afname zijn vaak heel logisch. Zo worden bevolkingsaantallen bepaald door geboortes, sterfte, migratie en beschikbare woonruimte. Het aantal bezoekers hangt af van de wereldeconomie en reismogelijkheden. Leerlingenaantallen hangen samen met geboortes en beschikbare woonruimte.

  • Factoren in de toekomst
    Door te kijken naar de trends van de afgelopen jaren en deze ontwikkelingen door te trekken naar de toekomst kun je aannames doen. Bedenk daarbij welke invloed recente en toekomstige gebeurtenissen kunnen hebben.

Een voorbeeld: Hoeveel nieuwe leerlingen kunnen de middelbare scholen verwachten? Als je alleen de trend zou volgen, dan kom je voor 2035 op 25% meer leerlingen in het VO. Dat is niet realistisch. Op basis van de inwoneraantallen kan je hier iets zinnigs over zeggen. Er wordt hierbij gekeken naar Amsterdamse kinderen van 12 tot 18 jaar. Het toekomstige leerlingenaantal is te voorspellen met de bevolkingsprognose van Amsterdam: geboortes, sterfte, migratie en verhuizingen.

Hoeveel jonge inwoners heeft Amsterdam straks? Hoeveel verhuizen er daarvan nog naar elders, en hoeveel komen er waarschijnlijk nog weer bij? En ook niet onbelangrijk: Komen er nog nieuwe scholen bij? Gaan er zaken veranderen in het beleid?

Wanneer je die cijfers los bekijkt, kan je voor elke bepalende factor een voorspelling maken. Voor elke school worden de cijfers apart beoordeeld en eventueel bijgesteld. Is de school nieuw? Daalt het aantal kinderen in de omgeving? Doet de school het goed?

En als je die losse aannames weer samen neemt, krijg je een prognose.